donderdag 6 december 2007

EXTREMISME BESTAAT NIET

BL Commentaar 6 december 2007 * Sinterklaas

door Tom Zwitser

Beste Doekle, Afshin en alle andere Hulpsinterklazen,

Pakjesavond had voor het Nederlandse volk geen verrassingen in petto dit jaar. Alle pakjes waren al open gemaakt
voordat de liedjes gezongen waren. In de pakjes zaten namelijk de liedjes die gezongen moesten worden. Wij dienden
voor die pakjes wel onze worteltjes en ons stro retour te geven. Het bleek een grote streek van Sinterklaas te zijn....

Dat ging zo: we zijn in een democratie beland die alles begint uit te sluiten om zichzelf te beschermen. Doekle Terpstra wil de democratie
beschermen tegen haar eigen implosie en de neomarxist Afshin Ellian wil de democratie juist als de Grote Woordenoorlog van allen tegen
allen beschermen. Grote woorden, nog grotere monden en verontwaardigd doen wanneer een van die Grote Woorden een Grote Daad tot
gevolg heeft. Terpstra beseft nog dat een grote mond een even grote daad oproept. Een grote mond heeft immers scherpe tanden. Maar hij
is bang voor grote daden dus fulmineert hij ook tegen de grote woorden (met even grote woorden).

Ellian weet dat iedere daad alleen maar van het collectief (de staat) mag uitgaan en profiteert daarvan door zijn tegenstanders die nog
eergevoel en godsdienst kennen voortdurend te kleineren en te beschimpen. ‘De’ democratie staat immers achter hem. Doekle ziet nog niet
dat de Grote Woordenoorlog van Ellian het soort democratie bewerkstelligt die hij zo graag wil beschermen. Die democratie waarin iedere
burger is murw gebeukt door Grote Woorden terwijl hem zijn vuisten zijn afgehakt en zijn tanden zijn uitgeslagen. Alleen zo kunnen wij
met een nieuw geloof geindoctrineerd worden. Grote Woorden temmen normale mensen en maken hen afgestompt en onverschillig. Het
houdt ons in een shocktoestand.

Doekle heeft het over redelijkheid en tolerantie maar wil letterlijk niet zien dat onze verheven redelijkheid hetzelfde is als onverschilligheid
en dat onze staat van tolerantie hetzelfde is als murw gebeukt zijn met Grote Woorden. Wie nog een restje dadendrang bezit buiten de
staat om en wie nog een restje geloof heeft in iets anders dan de democratie moet nog langer de Grote Woordenstroom ondergaan, totdat
alles van de staat is, ons geloof incluis. Pas dan zijn wij de grote cynici geworden die bruikbaar zijn voor de democratie, begrijpen wij het
zo goed, beste Afshin?

Collectivistischer kan het niet, wanneer zelfs ons geloof staatsbezit is geworden. Afshin Ellian presenteert zich als neoconservatief, maar
zijn neoconservatisme blijkt neomarxistisch te zijn en zo verloochent hij zijn Iraans-communistische afkomst uiteindelijk niet. Doekle
Terpstra dient de Bijbel eens goed te lezen. Zijn ‘christendom’ heeft hooguit drie zinnen uit het Nieuwe Testament op de maat van de
Internationale getoonzet en de rest van de Bijbel in het vuur geworpen – wat overblijft is vele malen dunner dan de Donald Duck in het
Fries. Heel typerend voor zijn Nieuwe Christendom dat al door Ter Braak is opgemerkt.

Ons advies: richt een leeskring voor Hulpsinterklazen op en gaat U beiden maar eens actuele marxisten als Michael Hardt en Antonio
Negri lezen over wat de democratie te wachten staat. Hopelijk brengen zij uw vastgeroeste collectivistische staatsdenken weer in beweging.
De constitutionele democratie is een fossiel dat feitelijk nooit bestaan heeft buiten uw eigen verbeelding. Het was decennia lang een facade.
Hoe meer de democratie gerealiseerd werd, hoe totalitairder en fascistischer zij zich manifesteerde. Het is de staat daarachter die zich nu
pantsert tegen haar eigen burgers. Het is de staat die bij de geringste tegenstand haar eigen burgers ingrijpend gaat heropvoeden en bij de
geringste opstand hardhandig op haar burgers inhakt, ook al zijn deze burgers nog stemongerechtigde 14-jarige scholieren. Zelfs achter
het IJzeren Gordijn maakte men het destijds niet zo bont.

Of gaat u de klassieken eens lezen. Niet Marx en Spinoza enzo. Nee, gaat u eens Althusius lezen of Spengler. Of denkt u eens na over de
frase van Multatuli: “democratie is de oorlog van allen tegen allen.” Ook Peter Sloterdijk kan u de ogen openen. Nergens wordt de ironie
van de moderniteit zo zichtbaar als in zijn ‘Eurotaoisme’ (1991). Boeken van formaat in plaats van existentialistisch geneuzel over ‘Mijzelf
als probleem’ of iets dergelijks.

Beste Doekle en Afshin, uw democratie is dood en uw marxisme is achterhaald. Uw marxisme is niet eens meer een slag in de lucht, want
het heeft zelfs geen slagorde meer, of het zou de staat zelf moeten zijn. Misschien moeten onze 14-jarige pubers voorgaan in de strijd,
omdat hun ouders alleen maar bezorgd kunnen toekijken, maar verder niets meer willen, niets meer denken en niets meer verdedigen. Ze
zijn eerloos gemaakt door de almachtige staat waarbinnen U carriere maakt. Liberale vrijzinnigheid en charismatische neurosen maken U
en hen tot staatsslaven.

Intussen wordt er door filosofen, sociologen en politicologen al verder gedacht. Op universiteiten is de democratie allang dood. Nu zien
zelfs middelbare scholieren het al. Met uw navelstaarderij op uw eigen opinie maakt U uzelf volslagen blind. Wij zijn al veel verder en de
democratie is een losgezongen circus geworden dat zich in een sprookjesachtige grachtenpand afspeelt, maar verder nergens. Het was een
lachertje geweest, ware het niet dat er nog steeds stromen geld van burgers in het sprookje gepompt wordt terwijl het land in toenemende
chaos verkeert. Burgers kunnen niets of de wapenstok keert zich al tegen hen.

Uw vrije woord heeft bijvoorbeeld voor het Europese bedrog gezorgd omdat de staat de enige is die de vrije daad op het vrije woord mag
laten volgen zonder dat zij enige rekenschap hoeft af te leggen. Ze mag zelfs A zeggen en niet-A doen. Het vrije woord zorgt er bijvoorbeeld
voor dat we in de dollar, de olie en de huizenmarkt geloven, zonder dat er nog hard geld in om gaat. Het vrije woord heeft ervoor gezorgd
dat deze fata morgana’s ons dagelijkse leven overwoekeren en ieder geloofsafval direct afstraft. Het vrije woord zorgt ervoor dat men met
onderwijs kan aanrommelen wat men wil en de politie op middelbare scholieren in kan laten hakken terwijl ze de onzinnigheid van het
onderwijs aan de kaak stellen. (Tussen haakjes: onderwijs van huidige kwaliteit kan in 2 tot 3 lesuren per dag gegeven worden.)

Wat hebben wij aan een vrij woord als onze vrije daad ons bij voorbaat ontnomen is? Alsof de democratie een eeuwig sabbatsrust is
waarop alleen toegesproken en toegehoord mag worden. Alleen degene die woord en daad scheidt komt terecht in een toestand waar de
meest grove beledigingen met een glimlach in ontvangst genomen moeten worden door de geadresseerde. Maar mag hij ze zelfs wel in
ontvangst nemen? Is dat niet werken op de eeuwige sabbat van de liberale opiniemaatschappij? En wanneer het ontvangen van fatwa's en
beledigingen al daden zijn, dan is het uitspreken ervan toch ook al een overtreding tegen het Grote Liberale Gebod?

Waarom moeten wij als lammen en blinden aan de kant van de weg de media om hulp roepen? Genezen zij ons van onze lamheid als wij
een vrij woord in de echoput van de opinie mogen gooien? Kan Doekle ons vertellen waarom het zwaard en de mepstok van de staat ons
vele malen liever en zachter zou behandelen dan zijn eigen knuisten? Of heeft hij geen knuisten meer? Zijn de heren Doekle en Afshin ook
ontmande marionetten die een opgepoetste carriere als worst voorgehouden wordt? Moeten wij, beste heer Ellian, als een geamputeerde
mens door het leven en ons en ons geloof aan alle kanten laten beledigen omdat het vrije woord een doel op zich is geworden? Of louter
omdat het U behaagt? Een normaal mens dat over knuisten beschikt, wendt zich slechts in nood tot grof geweld. Grote woorden worden
amper gebezigd. Grote daden al evenmin. Het normale leven bestaat uit vanzelfsprekendheden die tot het uiterste verdedigd kunnen
worden. Nu is de enige vanzelfsprekendheid dat alle vanzelfsprekendheden voortdurend omver worden gescholden. En men verbaast zich
erover dat er nog achterlijke mensen zijn die dat niet pikken. Wij zeggen U: zolang de achterlijken er nog zijn, is er hoop.

Extremisme is een tegenspraak. Aan de flanken van de maatschappij is niets veranderd. Niet aan de rechterkant, niet aan de linkerkant en
niet aan de onderkant. De enige verandering vindt voortdurend boven plaats. En van boven uit de dwang naar rechts, links en beneden.
Daar, aan de randen en aan de onderkant, is men als altijd gebonden aan zaken die boven de staat uitgaan. Het jakobinisme bevindt zich
echter in het centrum van de maatschappij predikt haar geweldsmonopolie met... geweld. Tegen het staatsgeweld zijn, betekent dit over
jezelf afroepen. De democratie is heilig en staat boven God, land en volk. In ruil daarvoor biedt zij de burgers kadootjes aan waar steeds
weer nieuwe scheldwoorden in blijken te zitten tegen het veelvuldig aanwezig ‘bijgeloof’ van de burgers. De staat biedt ons niets
fundamenteels maar breekt de fundamenten slechts af. Doekle moet dus nog even wachten met zijn actie tegen de verWildering van
Nederland. De verWildering van Nederland leidt immers tot zijn heilsstaat van “tolerantie, gastvrijheid en solidariteit” en nog wat mooie
“kernwaarden” zoals onverschilligheid, shocks en gebroken willetjes.

Nee, de pakjes waren dit jaar al uitgepakt voordat de liedjes gezongen waren. We hebben in november gedaan alsof Sinterklaas uit Spanje
kwam met de boot, maar Sinterklaas is nooit weggeweest. Al enige jaren rijden er alle dagen per jaar stoeten hulpsinterklazen op hun
kranten en omroepen door Nederland en ze delen rijkelijk kadootjes uit. In ieder pakje zit een woord. Allemaal ‘vrije’ woorden. En dat vrije
woord slaat ons oude geloof plat en blaast ons een Nieuw Geloof in. Helaas wil het ons maar niet overtuigen. We doen alsof we in
Sinterklaas geloven, maar we weten wie er onder de mijters en tafelkleden zitten: dat zijn onze politici, columnisten, dominee’s, literatoren
en wat verdwaalde hoogleraren. En we moeten doen alsof hun kadootjes het hoogste goed zijn en we buigen ons voor hen en geven hen
bergen worteltjes en stro, maar stiekem voelen we ons bedrogen. Wat hebben we eraan? Extremisme bestaat alleen in het centrum en zou
dus beter totalitair centralisme kunnen heten. En het vrije woord bestaat nergens sinds de daad ons ontnomen is.

NB. Bovenstaand stuk is bedoeld als krantenartikel en is achtereenvolgens genegeerd door Trouw (waarin Doekle zijn oekelige brief
publiceerde) en, zonder het artikel gelezen te hebben, afgewezen door de NRC omdat het een Sinterklaasstuk betrof dat NA 5 december
gepubliceerd diende te worden. Dat was teveel voor de NRC-logica. Daar het niet mijn gewoonte is om lang met een stuk te lopen leuren
en als een lamme en blinde vanaf de kant van de weg de diverse media te blijven aanroepen, daarom op BITTERLEMON.eu

Lees verder...

dinsdag 11 september 2007

DEUGDEN

bitterlemon.eu - Simplicissimus 11 september 2007 * Deugden

Satire: DEUGDEN

door Tom Zwitser

De kernredactie was de afgelopen maanden in hevige verwarring. We hadden in onze keuken last van hardnekkige bacteriën. Niet veel later
bleek dat ze deugden genoemd worden. Men kon nog geen koffie zetten, of er zat een deugd in.

Het is een erg oude bacterie die een paar eeuwen gesluimerd heeft, maar nu helemaal terug van weggeweest is. Alleen niemand bleek te
weten wat het precies is en wat het doet. Wat is een deugd en wat doe het met je? En vooral: hoe komt zoiets in onze keuken terecht? Ze
hebben ook nog een voorliefde voor bepaalde mensen. Sommigen raken ermee besmet en bij hen is het deugd voor en deugd na. Ze zijn
geen schim meer van zichzelf. Die deugd maakt een ander mens van ze. Ze worden ineens heel beheerst, gematigd en bedenkelijk, maar wat
ze dan beheersen, wat ze dan matigen en waar ze dan over nadenken, dat blijft ook na herhaaldelijke navraag volslagen onduidelijk. Wie
besmet raakt, verliest ieder ad rem (re)actievermogen. Alles wordt afgeremd en overdacht, maar direct en primair handelen, hó maar.
Direct en primair handelen wordt eerst “moeilijk”, dan “ligt het niet eenvoudig” en uiteindelijk volgt een “toch maar niet”. Anderen blijven
van het bacterie verstoken en begrijpen er tot nu toe geen snars van. Op rechts waren we immers zo goed bezig en nu ligt ineens alles “heel
complex”.

Er dreigt nu een totale tweedeling te ontstaan. Want het blijkt dat bepaalde conservatieven er zeer vatbaar voor zijn. Het deugdenbacterie
ontkiemt bij hen heel snel, terwijl het bij anderen geen schijn van kans maakt. Ze hadden het altijd al over de “zeer belangrijke rol van
onderwijs” en over “het Bildungsideaal”. Bildung maakt sterke burgers, maar waarín en hoe ze dan gevormd worden, ook dat bleef altijd
erg vaag, net als de vraag waarvoor die sterke burgers hun zorgvuldig gevormde kracht dan gaan aanwenden. Ja, bepaalde mensen
moesten uit het volk gehaald worden en daarbuiten van capaciteiten voorzien worden om daarna het volk kundig te besturen. Maar goed,
dat respecteer je nog van elkaar; verschil moet er zijn, nietwaar? Totdat ze met de deugden op de proppen kwamen. Toen wisten we dat de
bacterie toegeslagen had. Vorming gaat al ver, maar deugd, nee.

Deugd blijkt in een potje te zitten dat op scholen en bij welzijnswerkers op de plank staat. De grote toverketel waarin op iedere school de
kleine ettertjes tot burgerdestillaat gestookt worden, raakt niet vanzelf op smaak. Dat gebeurt met de deugden. En ook hier doet Europa
een duit in het zakje, want dit zijn officiële, door de EU goedgekeurde deugden. Ze komen uit de geheime kleur-, geur- deugd- en
smaaklaboratoria van de EU waarin het hele voedselspectrum voor de burger wordt samengesteld. Want het leven is van zichzelf
natuurlijk erg smakeloos en flauw, maar wanneer men eerlijk is vinden ze het eigenlijk niet te zuipen of te vreten. Het leven leeft niet uit
zichzelf, en indien wel, dan gaat het helemaal verkeerd. Ouders, opoe en opa, volkstuintje, op straat spelen, puberen en volwassen worden;
alles is even smakeloos, om niet te zeggen dat het in principe schadelijk is wanneer er niets tegen gedaan wordt. Het moet dus allemaal
flink op smaak gebracht worden. En deugden neutraliseren ook nog eens al die gevaarlijke trekjes die je in je familie en op straat krijgt
opgedrongen.

Dit hele verhaal sloeg bij ons in als een bom. Deugde er dan niets van de wijze waarop onze voorouders eeuwenlang hadden geleefd? Een
beetje grond, een plaggenhut, een kruidenvrouwtje aan de rand van het dorp, kinderen spelend op de dorpsbrink, vader werkend op de
akker en opoe aan het sokken breien op het bankje voor het huis – kortom: de gang der eeuwen? Nee, inderdaad, er deugde niets van, want
er kwam geen deugd aan te pas. Het was allemaal valse romantiek en een tijd van pure ellende waar we dankzij deugden, onderwijs en
Bildung van verlost werden. En technologie natuurlijk – zonder technologie is alles onmogelijk. Maar teveel technologie in de soep is ook
weer gevaarlijk, dus moet er nu weer meer deugd bij, om al de andere ingrediënten het hoofd te bieden. Het gaat om de totaalbalans. Als
één ding toeneemt, moet er van de rest ook meer bij. Dus heeft de EU extra deugden ter beschikking gesteld en het is overal gratis
verkrijgbaar: in scholen, kerken en moskeeën. Zo is deze bacterie bij ons in de keuken gekomen. Het is ongemerkt door ons voer gegooid.

Iemand had het in onze keuken neergezet, meegenomen vanuit de school of de kerk. Slechts een enkeling is resistent. Sommige
conservatieven kunnen inmiddels niet meer van deze dope afblijven. Het geeft ze het gevoel dat ze leven en tot grootse prestaties in staat
zijn, zeggen ze dan. Een gevaarlijk goedje dus, zoveel is wel duidelijk.

Ja, het waren roerige dagen, de afgelopen tijd. Bent u al besmet of heeft u nog nergens last van? In dat laatste geval: houden zo.

Lees verder...

woensdag 1 augustus 2007

INTELLECTUEEL

bitterlemon.eu - INTELLECTUEEL

een column, door Tom Zwitser

Afgelopen week was het weer eens raak: een intellectueel moment op de Nederlandse televisie. En zoals bijna altijd met de intellectuele
momenten op de televisie, was het de moeite van het overdenken niet waard. En toch wil ik het erover hebben. De altijd innemende
allemansvriend Matthijs van Nieuwkerk nodigde in zijn programma de Tv draait door vier mensen aan tafel: de presentatrice van het
“voorlichtingsprogramma” Spuiten en Slikken Sophie Hilbrands, de schrijver en ‘publicist’ Joost Zwagerman, de cabaretier Bert Visser en
EO-man Andries Knevel.

De doorsnee kijker zal blij geweest zijn met de aanwezigheid van Hilbrands en Visser welke heerlijke humor van de laatste vooral de
autistische Knevel flink te kijk zette. Op het gezicht van Hilbrands was in het begin al de ergernis over de geproduceerde onzin van Knevel
goed af te lezen.

Van Nieuwkerk zei op een gegeven moment in een bijzin over Knevel dat hij een dik uur voor de uitzending al in de studio aanwezig was om
onder andere de positie van alle camera’s grondig te inspecteren. Van Nieuwkerk werd toen abrupt door Knevel onderbroken met de
verklaring; ‘dat hoort bij het vak’, hij knikte overtuigd met zijn hoofd en zei nog eens ‘hoort bij het vak’. Zijn woorden waren afgemeten en
snel, evenals de hoofdknik.

Net als Knevel was Zwagerman op een heel andere manier irritant: Ook hij heeft intellectuele pretenties, maar datgene wat intellectueel
aan zijn opmerkingen en tegengas aan Knevel had moeten zijn, heb ik niet ontdekt. Dit zogenaamde tegengas is door een eerstejaars
student filosofie onderuit te halen, wanneer deze al niet in lachen uitbarst om de krakende argumenten die hij naar voren schoof om zich
tegen Knevel te profileren, bijvoorbeeld over de nieuwe programmering van de publieke omroepen. Zwagermans geloof in neutrale
journalistiek was kinderlijk naïef: Een Paul Witteman, die in zijn vrije tijd PvdA schijnt te stemmen is journalistiek ‘natuurlijk’ kritisch en
neutraal, en zeker wanneer hij linkse politici aan de tand voelt. Kritische vragen zijn altijd neutraal. Tuurlijk Joost...

Maar dit terzijde. Op de vraag van Van Nieuwkerk of Knevel wel eens naar Spuiten en Slikken (waarvan de naam inderdaad de hele inhoud
dekt) gekeken heeft, reageerde hij ontkennend. Sophie wilde weten waarom hij er niet naar gekeken heeft. ‘Gewoon niet, ik had er geen zin
in’. ‘Maar’, vroeg Van Nieuwkerk; ‘heb je er geen zin in of mag je er van jezelf niet naar kijken, want je moet dat toch zien als vakman?’
‘Nee, natuurlijk mag ik wel, maar gewoon..; geen zin, ik hoef het niet zien’. Een antwoord zonder dat hij zijn morele overtuiging over dit
soort voorlichtingsprogramma’s hoefde te geven. Gewoon geen zin. Prompt kreeg hij een uitnodiging van Hilbrands om de eerstvolgende
opname bij te wonen. Met een verlegen lachje als antwoord...

Daarop was er een debat (woordenwisseling) tussen Knevel en Zwagerman. Interessant klinkende woorden als onjuiste premissen en linkse
machtsovernames op tv kwamen meerdere malen beschuldigend uit Knevels mond. De verbetenheid en gefixeerdheid waarmee hij in zijn
stoel zat, maar ook de manier van praten, was niet alleen irriterend en tegelijk lachwekkend voor de anderen aan tafel, maar het kwam
mij ook voor alsof hij, volledig gericht op zijn heilige missie (zoals zoveel ‘intellectuelen’ extreem op iets gefixeerd zijn), alles uit de weg
ruimt of negeert wat hem in zijn omgeving zou kunnen belemmeren.

Het leek alsof er een over het paard getild gymnasiumjongetje aan tafel zat dat te vaak te horen heeft gekregen dat hij slimmer is dan de
rest van zijn klas, en na niet al te lange tijd die rest van de klas niet meer opmerkt, of nog slechts in de vorm van een publiek dat er voor
hem is, dat op hem gericht is. Er is alleen nog maar Knevel en het publiek. Knevel zit niet meer in de klas. Geen moment leek hij zich
natuurlijk te bewegen in de polemiek of kon hij ingaan op hetgeen Zwagerman en Van Nieuwkerk zeiden, maar daarentegen leek hij zich
juist overbewust van het publiek om hem heen en het beeld dat hij van zichzelf neer wil zetten. Zijn houding was overgeconcentreerd en zijn
reacties gespannen ad rem waarbij iemand uit laten praten als een van de ergste deugden beschouwd wordt.

Met andere woorden: de intellectueel Knevel is een acteur en wat voor één! Een slecht acteur. Ik vraag me tegelijk af of deze autist wel iets
anders kán zijn dan een slecht acteur. Een goed acteur zal hij nooit worden; ontspannen zal Knevel nooit zijn. Hij zal er altijd maximaal
naar streven alles in de hand te hebben, maar hij zal het nooit kunnen en deze frustratie is hem aan te zien. Hij zal altijd gefixeerd zijn op
zijn heilige missie die hij tevens nooit zal bereiken en hij zal zichzelf en zijn omgeving voortdurend aanpassen aan die missie: Heeft hij een
beeld van zichzelf dat hij nietsontziend naleeft; er moet voortdurend een imago neergezet worden, en daarom is het zeker noodzaak om een
uurtje voor de uitzending in de studio aanwezig te zijn om de camera’s te inspecteren, camerabewust als hij is.

Lees verder...

zaterdag 14 juli 2007

ANARCHIE

bitterlemonproof 14 juli 2007 * Anarchie

door Tom Zwitser

Binnenkort vieren wij de 150ste geboortedag van het anarchisme. Het anarchisme is ontstaan als een volstrekt individueel verzet tegen de
overheersende klasse. Dit verzet was totaal gespeend van enige organisatie, omdat organisatie een bepaalde mate van gezag vereist en
samenwerking. Anarchisten gooiden dus in volstrekte eenzaamheid hun bommen naar presidenten en bank- en fabrieksdirecteuren en een
enkele afzwaaier kon ook nog eens gericht zijn tegen de hautaine bourgeois zelve.

Maar bitterlemon wil het verloren anarchisme weer oppakken in een nieuwe gedaante. Vandaar een feestdag voor de hele familie in het Haagse Madurodam. Een centraal gelegen pretpark in de Nederlanden. Bitterlemon introduceert het familie-anarchisme. De familie is de kleinst mogelijk organische organisatie en heeft geen
kunstmatige overheersende klasse - in tegenstelling tot wat socialisten en feministen beweren. Leve het patriarchaat van de familie, weg
met de staatsbemoeienis! Op de feestdag kunt u met uw kinderen bommen leren maken waarna de kinderen ze op belangrijke doelwitten
leren gooien. Zo mag de luchthaven Schiphol flink te duchten krijgen, evenals de Nederlandse Bank, de grachtengordel (we zetten er ook
echte grachtengordelpoppetjes in), en voor onze Vlaamse vrienden plaatsen we 's ochtends voor aanvang ook nog enkele gebouwen van
Belgische instituties, als het Belgisch Parlement, het parlement voor de Franstalige gemeenschap en wat Brussels-Europese troep.
Speciaal voor hen richten wij ook nog een schiet- en stormbaan in waarbij wij rozen hebben in de vorm van Guy Verhofstadt met een
exemplaar van De Standaard in zijn handen. Op de onverwachte en strategische plekken hebben we een dwergroosje van Koning Albert
neergezet. Hij mag aan stukken gereten worden. De bitterlemon familiedag, een leuk dagje uit voor het anarcho-gezin. Behalve uw
wapentuig en camouflagepak, mogen opa en oma ook mee!

Lees verder...

HOE DIRECT PRECIES?

Bitterlemon proof - 14 juli 2007

door Tom Zwitser

De centralistische democratie blijkt niet te werken. Systemen, draaiboeken en werkmethodes bepalen de politieke besluitvorming en wat
dit voor resultaat heeft weet inmiddels iedereen. De bestuursklasse heeft hele andere belangen dan het volk en van representatie is in geen
enkel op zicht sprake meer. Het leven is eruit, God ook en zonder hen moet het gerooid worden. Daarom doen we het nog democratischer:
directe democratie. Jaarlijkse wetten door referenda aan het volk toetsen, iedere lokaal gezag ook lokaal houden en niet overhevelen naar
overkoepelende organisaties. Als de lokale bevolking iets wil, dan gebeurt het. Als de Amsterdam grachtengordel het homohuwelijk wil en
Bos en Lommer wil dat niet, dan moet Amsterdam opgedeeld worden. Maar wanneer men in blok A nu anders daarmee om wil gaan dan
met blok B moet ook de grachtengordel opgedeeld worden, netzo lang tot er een plaats van eensgezindheid heerst, maar dan hoeft er niet
meer overlegd te worden, en is de democratie zelf overbodig. Democratie, ook de directe, vooronderstelt de verdeeldheid. Dus op
Keizersgracht 81 wil men het wel, en op nummer 83 niet, terwijl men er op nummer 85 nog niet uit is. En wanneer in de grachtengordel
ieder huis een eigen ministaatje is geworden en men zo moe wordt van de dagelijkse politieke bedrijvigheid binnenshuis (men moet inzake
letterlijk alles overleggen en stemmen), dan zal men misschien weer zeggen; overhevelen die politiek! Maar dan stemmen de drie jongste
kinderen tegen en moet daarover ook weer overlegd worden, totdat de allerjongste aandraagt dat het misschien toch beter is om papa
maar in de gracht te verzuipen hetgeen prompt democratisch aangenomen en uigevoerd wordt door de oudste twee. Papa legt zich bij hun
democratisch besluit neer. Met andere woorden. Hoe direct precies?

Lees verder...

vrijdag 29 juni 2007

HET SPIEGELPALEIS II

bitterlemon.eu - Discussie democratie (5) * BL Commentaar 29 juni 2007 * Correctivisme III

door Tom Zwitser

Een goede conservatief is, hoe kan het ook anders, uit het goede hout gesneden. Hij heeft vaak een hoop lef, stevige
vuisten en een opvliegend karakter. Hij durft ook buiten het café stevige taal uit te slaan en noemt de dingen dus ook
voorafgaand aan een biertje bij de naam. Conservatieven vliegen elkaar niet zelden flink in de haren, en dat is een
uitermate gezond teken. Toch hecht de conservatief bijzonder aan orde en maat.

Al deze deugden lijken mij op dhr. Roose van toepassing. Zijn mooie en uitgebreide weblog getuigt van een groot realiteitsbesef en van veel
lef. Ik ben ervan overtuigt dat zijn reacties op bitterlemon.eu op artikelen van dhr. Potoms en ondergetekende absoluut niet ingestuurd zijn
vanuit pesterig ressentiment, maar om een open en eerlijke polemiek te voeren. Welnu; ik meen dat wij een open en conservatieve polemiek
voeren, van conservatief tot conservatief. En daarin betreft het niet alleen maar een links probleem, maar het betreft veel meer de
conservatief als probleem. Niet de intenties, branie, lef en het goede karakter van de conservatief staan ter discussie, want het probleem
gaat verder dan dat.

Erik van Goor zegt in zijn artikel over rechtse media dat conservatieven vrijwel allemaal op dezelfde plek mank gaan: “Feiten zijn dus
links. (...) Juist de (rechtse) individualist die enkel en alleen pragmatisch en calculerend wil zijn, is blind voor deze zaken. En ideologisch
hulpeloos.(...) Rechts is namelijk wel blij met de wereld die links heeft gecreëerd.” Het ontbreekt de weerbare en gezonde conservatief vaak
aan ideeën. En dan blijft zijn ideologie vaak leeg of deze blijkt een ingeperkte en dubbelgebleekte light versie van links te zijn.
Wanneer we dus eigenlijk wel blij zijn met een linkse wereld, maar deze alleen maar willen inperken tot op de linkse helft om zelf de rechter
helft in bezit te nemen voelen we ons misschien wel de overwinnaar, maar we komen er nooit. Het instituut waar zowel links als rechts in
zitten is zelf links en we moeten leren van links hoe ze “de instituties van binnenuit hevormd hebben”. Want instituties zelf zijn nodig. Ze
moeten alleen hervormd worden. Maar kan dat in je eentje – met of zonder geld?

“Complexe maatschappelijke en culturele constellaties zijn niet te bevatten door een enkele individu, maar kunnen slechts begrepen worden
door en vanuit een traditie. Slechts een traditie van interpretatiekaders, oplossingsrichtingen, oorsprongsgeschiedenissen e.d., kan mensen
– bijvoorbeeld journalisten – ondersteunen in een kritische attitude die verder gaat dan reacties spuien op onwelgevallige feiten.” De
conservatieve traditie legt juist haar breekpunt niet bij bepaalde jaartallen: ze gaat verder dan 1789 en de Industriële Revolutie. Ze is niet
bereid zich neer te leggen bij de zogenaamde verworvenheden van links, ook al beslaan die een geschiedenis van eeuwen. De conservatief
móet wel voorbij het absolute karakter van bepaalde verworvenheden kijken, maar stuit daarbij op een aantal problemen:

“Rechts is over het algemeen te gezagsgetrouw voor een opstandige en wantrouwige houding ten aanzien van het gezag. En dat heb je wel
nodig om je ergens in vast te bijten. Rechts ontbeert kennis en traditie die er voor research nodig is. En wat is journalistiek zonder
research?” Met andere woorden: uiteindelijk breekt de voorliefde voor orde en maat de conservatief op en het weerhoudt er hem werkelijk
van doortastend te denken. Want wat wacht er buiten de rotte, maar toch linkse orde die men democratie noemt? We hebben nu in ieder
geval nog vrede in het land en denken die zelfs misschien op de hele wereld te kunnen afdwingen. Maar juist omdat de conservatief zo in
gezag gelooft, is hij geneigd te denken dat overal waar de dingen enigszins en met dicht geknepen ogen beschouwd marcheren, een zekere
mate van orde en gezag bestaat. Hij wil liever niet nadenken waarom de dingen zo marcheren en zeker niet deze gang der dingen op losse
schroeven zetten voor iets dat hij niet kent of weigert te doordenken. Daarom is een gemiddelde conservatief eerder behoudzuchtig dan
werkelijk fundamenteel. Hij bewaakt onbewust vaker het linkse er goed dan dat hij deze omver kegelt.

Tegenstellingen

De conservatief moet dus voortdurend een denkomslag maken en moet consequenter zijn dan zijn linkse collega’s. Hij moet die objectieve
verworvenheden van links ontmaskeren en van hun objectiviteit ontdoen. Deze verworvenheden zijn namelijk niet objectief, maar zijn
bepalend en inkaderend voor ons bestaan. Ook de conservatief moet zijn linkse bril afzetten. Anders kunnen we op den duur niet meer
buiten deze zaken denken, terwijl de conservatief dat voor zijn fundament wel móet doen. De conservatief wordt zogezegd de zure
protectionist op linkse bodem. Hij moet zich voor deze vervorming hoeden en zijn eigen bodem en intuities niet onder zich weg laten slaan.
Ook in de analyse van de staat, de democratie en het volk is zo’n consequente doordenking noodzakelijk. We moeten, om te beginnen,
helder de begrippen tegenover elkaar zetten:

Het volk is een klassieke entiteit, de massa is een modern product. Het volk beschikt over een zeker bewustzijn, de massa over
zelfbewustzijn. Het volk heeft niet de voortdurende confrontatie met haar spiegelbeelden nodig; zij leeft vanuit een innerlijke bron. De
massa moet voortdurend met haar eigen spiegelbeelden geconfronteerd worden en heeft dus een externe stimulus nodig, anders bestaat zij
niet.

Het verschil tussen bewustzijn en zelfbewustzijn is mijlengroot, zo niet kardinaal. Het volk heeft lak aan spiegelbeelden. Ze heeft geen
confrontaties met haar eigen mismaakte spiegelbeelden nodig om te weten wat goed en fout is. De massa heeft voortdurende de behoefte
aan confrontaties met haar eigen misvormingen omdat ze daardoor voortdurend kneedbaar is. Ze verkeert in voortdurende morele
verwarring. Haar misvormingen zijn haar leidraad; haar gezag; haar dagelijkse spiegel. Maar wie de spiegel in handen heeft, heeft de
massa in haar macht. Het klassieke volk daarentegen ontbreekt het aan spiegelbeelden, omdat ze niet eens denkt aan een behoefte aan
sturing en stimulus. Een gezond volk hoeft niet bijgestuurd en bespiegeld te worden. Het volk hoeft niet bestookt te worden met misvormde
spiegelbeelden.

Alle gezag voor het functioneren van de klassieke volksgemeenschap is inherent aan haar entiteit: zij functioneert en bestaat bij de vorming
van onbreekbare eden, verbonden en banden. Huwelijk, volk en familie zijn niet maakbaar, splitsbaar, opbreekbaar of samenstelbaar. Dat
is een organische eenheid. En deze banden worden ook intuitief door de conservatief erkend en geëerd. Wanneer de linksert van deze
natuurlijke banden en bonden af wil komen – en dat wil links – dan moeten we volgens Sloterdijk aan zelfgeboorte doen: we moeten onszelf
te boven komen. We moeten dus voortdurend zwanger van onszelf zijn en onszelf opnieuw baren. We baren als het ware onszelf naar mate
we door onze spiegelbeelden gestuurd worden.

Afhankelijk van het misvormde spiegelbeeld baren we onszelf weer net even anders dan de vorige keer. En dat maakt het narcisme van de
democratische massa tot zelfhaat. Voortdurend wijzen de misvormingen op afwijzing, tekortkoming, bijsturing en coaching. Het
misvormde spiegelbeeld doet ons onszelf op den duur haten en produceert zure en ontevreden reproducties van onszelf. We baren
ontevredenheid, en andere ondeugden omdat we denken dat dit van ons verlangd worden. Deze wordt ons immers in de reflecties en in feed
back aangereikt; de misvormde spiegelbeelden zijn immers altijd minder, slechter, onnatuurlijker en lelijker dan wij zelf. Maar de
spiegelbeelden hebben in de moderniteit altijd gelijk; zij bepalen ons handelen. Ontevredenheid loont in de democratie. Want het leidt
uiteindelijk tot voortdurende zelfcorrectie.

Het gezonde volk lacht hierom en verdwijnt dan weer uit het spiegelpaleis, maar wij zijn in voortdurende barensnood van onszelf. Het volk
heeft geen behoefte aan een spiegelbeeld, laat staan aan zelfbaring. Het volk neemt het leven zoals het dat met de banden en bonden
gegeven is: organisch en kleinschalig. Het volk heeft geen bewustzijn van zichzelf omdat ze niet voortdurend met haar spiegelbeelden wordt
geconfronteerd. Het volk is bewust áls volk. Ze is ongevoelig voor het narcistische wezen van de massamens. Deze mens, los van alles,
staat voor het volk aan de overkant van een grote kloof waar niets tussen in zit. Er is niet zoiets als een beetje volksmens en een beetje
modern. Goed, tot hiertoe de tegenstellingen. Want er zijn meer dimensies dan alleen de tegenstellingen.

Het vervormingsmechanisme

Belangrijk is dat de democratie niet alleen ons zelfbeeld vervormt, maar onderwijl ook zichzelf getransformeerd heeft. Net als het
liberalisme. Het oorspronkelijk liberalisme, waar sommige conservatieven steeds toe oproepen is er een van willekeur en managersdenken
geworden. Teruggaan naar het oorspronkelijk liberalisme leidt echter, zoals een vriend van mij onlangs zei, op zijn best opníeuw tot
willekeur en managersdenken, maar misschien zelfs tot erger. De democratie netzo. Een ingeperkte democratie bestaat niet. Dat was het
ooit, lang geleden in haar begindagen, toen het volksleven nog vitaal was. Maar een democratie kent geen inperking. Niet van buitenaf en
niet van binnenuit. Als we haar inperken, krijgen we op zijn best opnieuw de hele mikmak van 1816 tot nu opnieuw. Denk maar niet dat we
‘het nu helemaal anders zullen doen’. Alles herhaalt zich – op haar best – precies zo. En wel zo:

Zodra de democratie een volksregering is, heeft ze zichzelf al omgevormd tot een massa-controlerend lichaam. Dit heeft alles te maken
met de democratie als datgene dat zich inherent-aan-haar-aard voorbij alle gezag wil stellen. Wanneer er nog iets is dat verwijst naar een
buiten de democratie aanwezig gezag, dan bestaat de democratie niet, omdat het een democratie zonder gezag is. Het is dan hooguit een
commissietje binnen iets anders, maar geen democratie. In die fase is dus alles legitiem om de democratie vóór al het andere te stellen en
dat gebeurt nu volop. Wanneer de democratie dat voor elkaar heeft en alle extern gezag heeft opgeslokt en alles controleert, is ze ook geen
democratie meer, maar een openlijke dwangstaat waarin het volk gegijzeld wordt tegen zichzelf.

De democratie is dus een paradox die alleen bestaat als streven en daarmee nooit zelfstandig kan bestaan, niet ingeperkt en niet totalitair.
Omdat democratie altijd een streven is náár totalitair gezag, moet er dus ook altijd tegen gestreden worden door mensen die haar met
goede bedoelingen willen inperken. Er is dus altijd strijd zolang er íets is dat zich democratie noemt, in de kleine of de grote variant. Dit
streven moet ten koste van alles ophouden, dus iedere democratische aspiratie moet ophouden. Ergo; de democratie moet er hoe-dan-ook
uit.

En dan ons laatste misverstand: wie de democratie verwerpt wil niet iets ergs of juist helemaal niets ervoor in de plaats. Nee, de
conservatief moet terug naar zijn holistische volksverband en van daaruit consequent denken. Hij moet terug naar zijn uiterste basis en
niet naar de uiterste basis van de moderne maatschappij (want die is links). De uiterste basis voor links is de Staat. De uiterste basis voor
rechts is de familie, en wat daar uit voortvloeit: datgene dat we de republikeinse structuur kunnen noemen.

De volksgemeenschap

Waar we het over eens zijn is dat het volk, de volksgemeenschap en de daarin heersende mores nooit tegen zichzelf zijn gericht. Ze is altijd
gericht op het voortbestaan van de volksgemeenschap en waakt ervoor om getransformeerd te worden in een moderne massa. De
volksmores houden het volk gezond. Ze is sterk van binnenuit en weet de zwakken niet door geweld en dwang mee te nemen, maar door
solidariteit. Zwakkeren worden opgenomen in het organische geheel en zijn daarmee deel aan de volksgemeenschap, niet vanaf een zeker
stadium, maar vanaf het begin. In tegenstelling tot de democratie sluit de volksgemeenschap vanaf het begin iedereen in.

De volksgemeenschap bestaat noodzakelijk uit het geheel en niet uit partijen of uit een gedeelte, zoals de rijken,, de elite of zoals de
arbeiders en de armen. Zodra men zich op een gedeelte richt, sluit men dit gedeelte uit van het geheel. Wanneer er partijen, individuele
ontwikkeling, gelijkheid en democratie gepredikt wordt, wordt het geheel van haar noodzaak ontheven om een geheel te zijn. Met de
verdwijning van de noodzaak verdwijnt ook de volksgemeenschap zelf. Iedere poging om deze te herstellen zonder de partijen, individuele
ontwikkeling, gelijke rechten en democratie weg te gooien zal jammerlijk eindigen in protectionistisch gespartel van een
museumverschijnsel. Óf er is de illusie van de democratie dat wel alle geloof in zich opeist, maar nooit kan bestaan, óf er is de
werkelijkheid van een volksgemeenschap, dat zelf alle banden aanreikt en dus geen geloof eist, maar in geloof voorziet.

Die heelheid voorziet in een consensus; ze is de voorwaarde tot consensus. Maar dat is geen consensus van harmonie en vrede of, zoals
Roose zegt, “het vooral leuk houden met elkaar”. Binnen die consensus is de polemiek en de losse vuist niet uit te bannen. Men houdt elkaar
niet in een wurggreep of wil het geweld en de strijd uitbannen. Dat is immers modern-pacifistische propaganda. Met de prediking van
geweldloosheid heeft de staat zich over het volksleven ontfermd en eigende zich het geweldsmonopolie toe. Geweld is niet iets slechts; het is
soms nodig omdat de menselijke natuur niet in harmonie en vrede is op te sluiten. Want in dat sprookje is zij geweldloos, dus wapenloos en
dus weerloos. Het is fijn om als volksgemeenschap wat wapentuig in de kast te hebben, en een hooivork over de rug te hebben als er
vreemd volk komt ruzie zoeken, of als er hoogoplopende conflicten zijn.

In de democratie geloven wij daarentegen van ganser harte dat staatslichamen en rechters ieder conflict kunnen oplossen of de partijen uit
elkaar kunnen houden maar we merken aan alle kanten dat dit geloof nergens op gebaseerd is en dat men maar steeds weer opnieuw blijft
vragen om vertrouwen in het overheidskunnen. Alleen daardoor al is zij niet het vertrouwen waard.

Vroeger werden de conflicten in het weefsel van het volk gesmoord; op kleine schaal, met een paar verstandige mensen die de kemphanen
kennen en weten hoe ze met de een en met de ander om moeten gaan. Bovendien waren die mensen vaak wel voor rede vatbaar en werd er
niet zo zwaar getild aan een robbertje vechten. In een gezonde volksgemeenschap was dat mogelijk en deed men niet zo moralistisch als nu.
Vanuit de democratie wordt daarentegen wel een morele druk uitgeoefend op de burgers, maar is die overheid zelf zo immoreel als maar
mogelijk is. En ook dat is niet zomaar om te keren door inperking of iets dergelijks. Inperking is nog steeds de inperking op linkse
gronden. Het volk wordt voortdurend met pesterige maatregelen getroffen, terwijl de politiek zich aan de onderhandelingstafel aan ieder
moreel appèl kan onttrekken, want ‘dat is nu eenmaal onderhandelen’.

De doodstraf is allereerst een instituut gericht als wapen van het volk tegen haar ambtsdragers, niet tegen misdadigers. Daar komt het in
de praktijk wel op neer; misdadigers moeten de straf van het zwaard kennen, maar dat de ambtsdragers deze kennen, is veel belangrijker.
Misdadigers kunnen een brute moord op iemand uit het volk plegen, ambtsdragers kunnen heel het volk verkwanselen. De ambtsdragers
zijn niet gerechtigd om de doodstraf af te schaffen, noch de beul en het zwaard. Nu is de doodstraf wel afgeschaft, zogenaamd als gunst
aan de burger. Tegelijk rust het enige legitieme zwaard in de hand van de staat. Dat alleen al is een voorteken dat de staat haar volk
verkwanselt en onderdrukt. Het zwaard is eerst en vooral een instrument van de burger en niet – zeker nooit uitsluitend – van de staat. Zie
daarvoor ook de stukken van Erik van Goor over wapenbezit. Het is een van zijn thema’s.

Op de grens van volk en staat

De democratie is een instrument in handen van de staat. Zo gijzelt zij het volk en kan zij met het mandaat van het volk deze als
gemeenschap vernietigen en omvormen tot een psychologisch determineerbare massa van zichzelf ontwikkelende individuen die zich van
contract naar contract werken en van contractbreuk naar contractbreuk. Alles staat immers in dienst van de persoonlijke ontwikkeling.
De democratie is een wijze om de publieke kant van de staat te organiseren en zo tegelijk van de staat een private aangelegenheid maken.
De staat is natuurlijk een private aangelegenheid geworden, omdat zij zonder een deugdelijke buitenkant door het volksleven beknot en
ingeperkt wordt. Daarom moest ze, om haar macht te vergroten, zich eerst afscheiden van het volk. De staat heeft voor haar eigen
bescherming de democratie in het leven geroepen. Democratie is namelijk een ondoordringbaar scherm dat tussen staat en volk in staat.

Ze neemt het volk in zich op, en geeft daarmee de staat alle macht om met het volk naar goeddunken te handelen. Volk en staat vloeien niet
meer in elkaar over zoals dat vroeger het geval was, maar het volk wordt speelbal van de staatsmoraal, juist omdat ze in absolute zin van
de staat is gescheiden. Juist door de scheiding van volk en staat heeft de staat het volk aan zich kunnen onderwerpen. We moeten dus de
scheiding tussen volk en staat opheffen. Het scherm van de democratie (het spiegelpaleis) moet kapot, want deze fungeert als spiegelglas:
vanaf de kant van het volk worden alleen het volk en al de eigen misvormingen erin weerspiegeld, maar vanaf de veilige en private
binnenkant van de staat kan men er helder door naar buiten kijken en zien wat het volk zichzelf nu weer aandoet. De staat is nu
geprivatiseerd maar moet weer worden verheven tot de publieke zaak zelf. Staatsmanschap moet weer een ambt worden.

We moeten terug achter de spiegelpaleizen en voorkomen dat we opnieuw in de permanente revolutie van de democratie terecht komen en
de staat ons weer gijzelt. Deze permanente revolutie put het volk uit en maakt het murw. Een opstand moet een einde hebben en moet
gemotiveerd zijn vanuit de orde en niet de orde zelf als haar mikpunt hebben. En vanuit die orde moet ook weer het gewone leven ontstaan.

Besluit

Wat ik met deze woorden allemaal wil zeggen: ik wil dhr. Roose absoluut niet uitsluiten van het conservatisme, maar ik wil hem
uitnodigen om de linies te versterken en na te denken over een kritische theorie. Roose spreekt in termen van democratie. Maar zijn
handelen en denken weerspreekt reeds het primaat van de democratie. Hij is de man van familie, volk, traditie. Het volk was er volgens
hem zelfs voor de kerk; zou het volk dan ook niet voor democratie uitgaan? En familie? En traditie? En eigen verantwoordelijkheid? En
gemeenschap? Zouden al deze zaken dan ook niet voor democratie uitgaan? Maar wat blijft er dan nog van democratie over?

Ik wil hem uitdagen om verder te gaan dan ik, inconsistenties uit mijn betoog te halen en de hier beschreven gedachten consistenter te
maken. Alleen de mensen die dieper en verder durven door te dringen achter de spiegelpaleizen, achter de spiegelwanden van de democratie
en nog dieper de problematiek kunnen doordenken, die zijn te zijner tijd broodnodig en kunnen een voorhoede vormen, het voortouw
nemen, juist omdat zij al achter de spiegels gekeken hebben.

Niet omdat de democratie op sterven na dood is (dat is namelijk evident) en ons dus een gapende leegte wacht, maar juist omdat het volk
op sterven na dood is.

Lees verder...

donderdag 28 juni 2007

DE EMBRYO WET

BL Commentaar 28 juni 2007 * Embryo wet

door Tom Zwitser

Vandaag stemt de Tweede Kamer over de embryowet. Deze voorziet nu nog op een verbod in het ‘opkweken’ van
embryo’s voor wetenschappelijke doelen. Dit verbod moet er volgens de wetenschappers ‘hoe dan ook uit’. Ze zeggen dat
de bescherming van embryo’s nu moeders en baby’s tot proefpersonen dreigt te maken. Er moet blijkbaar altijd iets
zijn om mee te experimenteren.

Nu mag er alleen maar wetenschappelijk onderzoek worden losgelaten op overgebleven resten na IVF-(reageerbuis) bevruchting. Men wil
een vrije embryokweek ten behoeve van onderzoek. De verdachtmaking dat het embryoverbod moeders en baby’s proefpersonen maakt is
een hele misselijke. Het legt namelijk een Mengele-sfeertje over deze wet. Als het verbod niet wordt opgeheven verschuift het experiment
noodzakelijk naar ‘echte’ mensen ipv embryo’s en dan krijgen we natuurlijk Nazipraktijken. Deze verdachtmaking onder de gordel doet net
alsof de mens al niet decennia lang voorwerp is van experimenten, en wijst dus in feite direct naar het probleem zelf.

Wetenschappers houden namelijk van experimenteren. Zij zijn de experts en willen dat graag zo houden. Hun onderzoek heeft zogenaamd
een intrinsiek goed doel: het opsporen van erfelijk belaste materiaal (erfelijke ziekten) en zo kan men door de achterdeur ook nog het
omstreden stamcelonderzoek binnenhalen. Twee vliegen in een klap.

Voordat deze beslissing in de politiek genomen wordt, worden deskundigen in de Kamer gehoord die natuurlijk zelf wetenschappelijk
onderzoek doen. Ze zijn deskundige, adviseur en belanghebbende partij ineen. Wanneer in Nederland dit verbod geschrapt wordt, betekent
dit voor hen een voorsprong op andere landen waar dit verbod wel heerst, het betekent meer baanbrekend onderzoek, meer publicaties in
gewichtige blaadjes en dus meer subsidie van de overheid. Het is een kringetje waarin men prima in staat is zichzelf aan te jagen. Als de
hele samenleving daarbij nodig is, sleurt men er de hele samenleving bij, want de samenleving draait om hen. Het experiment zal hoe dan
ook doorgaan en daarvoor houdt men de burger in een wurggreep: men gijzelt menselijk leed. Een moeder die haar zoveelste kind aan een
erfelijke ziekte verliest, zal geen moment helder nadenken en tegen dit onderzoek zijn. Ze leent zichzelf en haar tranen als voorbeeld. Een
ieder die echter nuchter nadenkt en zich niet mee laat slepen door dit gijzelingsdrama denkt er anders over: wanneer we nu de ziekenhuizen
gewoon opblazen, in puin slaan, de onderzoekers in hun eigen reageerbuizen verzuipen en vervolgens op sterk water zetten; als we daarna
alleen nog maar huisartsen en kwakzalvers gaan bezoeken, zijn we tevreden en dankbaar met kinderen zoals we die krijgen en met
kinderloosheid (ergo: vaak te laat aan kinderen beginnen), tevreden met gezondheid en met ziekte... houdt dan die ellendige gijzeling van
mensenleed op? Wellicht een experimentje waard.

“De vorig jaar verschenen Evaluatie van de Embryowet onderstreept dat de wet nu al een belemmering vormt voor belangrijk onderzoek
gericht op de verbetering van de voortplantingsgeneeskunde. Concreet gaat het om technieken voor het invriezen en in vitro (buiten de
baarmoeder) tot rijping brengen van eicellen” en dat invriesgebeuren vermindert weer “misschien” de vermindering van het aantal
restembryo’s dat bij IVF ontstaat. Met andere woorden: men moet experimenteeren om voorgaande experimenten te verbeteren. Ieder
geslaagd experiment lokt zeker tien nieuwe uit en ieder mislukt experiment lokt er zeker honderd uit. Want men wil in feite het bevruchten
van de eicel buiten de baarmoeder nog verder perfectioneren. Een intrinsiek goed in onze maatschappij. Een echte verworvenheid. Want
sommige moeders-in-spe kunnen dat zelf niet, sommige vaders-in-spe zijn niet vruchtbaar en wie weet wat voor afwijkingen en
ziektes-in-spe hun celletjes meedragen. Dus moeten we nog meer onderzoeken, nog meer experimenteren, moet er daarvoor een gedeelte
van de eicellen worden afgestaan om straks nog zuiverder kindjes te kunnen krijgen.

Dus komt het erop aan deze ziektes in zo vroeg mogelijk stadium buiten spel te zetten en hun genetische erfenis uit het genetisch materiaal
te halen, evenals verdere kwalijke genetisch-erfelijke eigenschappen. Zet gelijk ook de genetisch traditionele bevruchting buiten spel, daarbij
de genetisch traditionele baarmoeder en de genetisch kwalijke vaderrol die er toch alleen maar de genetisch gegenereerde lol van heeft.
Ga toch weg met die hele IVF cultuur van experimentjes en restembryootjes. De genetisch kwalijke natuur zorgt dat er iets uit die kwalijke
man komt, dat na goed mikken en een hele reeks natuurwonderen, ervoor zorgt dat er iets genetisch kwalijks uit de vrouw komt: namelijk
een genetisch belast kind. Als de reeks natuurwonderen achterwege blijft, dan moet het dus zonder natuur. In reageerbuisjes, diepvriesjes
en kweekvijvertjes ontstaat de erfelijk ontlaste mens met alleen zuiver genetisch materiaal.

Ik ben benieuwd of deze mens ook voor abortus en voor euthanasie is, of het altijd holebi is en ook denkt dat melk, vlees en kinderen uit de
fabriek komen en zelf in Second Life opgroeit en voortleeft. Pas als alle normale zwangerschappen geaborteerd worden en niet alleen de
seks veilig plaatsvindt, maar ook de bevruchting en de kweek veilig en ziektevrij in een reageerbuis plaatsvinden dan is dit zoveelste
monster van Frankenstein van alle, in deze tijd, kwalijke zaken en vooroordelen af. Hij is gewoon het monster dat hij al eeuwen had willen
zijn, maar waarvoor gewone mensen die zelf resultaat zijn van een bevruchting en zwangerschap ín, en een geboorte uít de baarmoeder,
nog een stokje konden steken. Laten we dit monster dus respecteren zoals het is en hun uitvinders vooral hun gang laten gaan, zoals we dat
inmiddels met alle andere monstertjes van de moderne tijd gewoon zijn. We laten ons liefdevol door hen gijzelen want dat zijn we aan de
allesoverheersende gelijkheid verplicht, als wij al niet vele malen inferieur en kwalijker zijn dan zij; zuivere godenzonen en -dochters uit het
lab-halla.

Naar aanleiding van: Vrouwen en kinderen gaan voor embryo's, NRC 27 juni 2007


Lees verder...